terug naar de inhoudsopgave

 

een vreugdesprongetje

m’n oude hond sjokt aan het lijntje mee
wij kennen alle stenen in de straten
en ondergaan de lijdensweg gelaten
de wilde haren zijn nu heel gedwee

de knoppen aan de takken tonen leven
er zit een vreemde trilling in de lucht
de kille wind nam afscheid met een zucht
en vroege vogels kwetteren gedreven

m’n metgezel bevrijd ik van z’n halsband
de lentezon maakt stramme lijven jong
we wagen allebei spontaan een sprong
een bange kraai valt bijna van de dakrand