terug naar de inhoudsopgave

 

 

vogelvriend

vertel nou niet dat u er wel kunt slapen
dat u tot rust komt in zo’n vredig bos
u maakt een peluwtje van mollig mos
en weldra volgt een zeer hardnekkig gapen

mij is dat voorrecht nooit te beurt gevallen
als ik mij neervlij tussen het struweel
begint een duif met opgezette keel
mijn zo begeerde dagrust te vergallen

word ik gestoord door luid gekras van kraaien
beginnen mezen aan een druk gesprek
(hun vals gekwetter maakt mij knettergek)
en hoor ik sappig Vlaams van domme gaaien

al snel begin ik van de kook te raken
dan tjift een blije tjiftjaf lustig tjaf
en zeer geïrriteerd vraag ik mij af:
hoe zou tjaptjoi met vlees van tjiftjaf smaken?