| Sinterklaasgedicht
vervloekt! gij trage dagen van
november
gevolgd door vijf oneindig lange nachten
die vreten aan geduld en laatste krachten
maar eindelijk is het dan 5 december
de datum die door dichters wordt
verfoeid
dan schrijven knoeiers en door rijm beheksten
een afvalberg vermaledijde teksten
de ongein borrelt en de wansmaak bloeit
voor mij is het de moeder aller
dagen
want dan begint het grote schitterbeven
de dood en liefdeskommer zijn verdreven
ik hoor mijn dichterspen
weemoedig klagen:
waar is de ware dichter toch gebleven
die eens de mooiste regels heeft geschreven? |