prinsjesdag

ze waren weer present, die rare hoeden
een dame had een bloemkool op haar hoofd
haar buurvrouw had een vogelnest geroofd
zo groot, daar kon een ooievaar op broeden

een uitgelaten juffrouw, een gegoede
had zich vandaag bijzonder uitgesloofd
een zwaarbeladen vrachtschip sappig ooft
genoeg om heel het ziekenhuis te voeden

’t is fraai, zo’n rariteitenkabinet
een exhibitie van verzamelwoede
de lachlust werd gewekt, ten overvloede
het leven leek een kleurrijk feestbanket

toen kwam de vrouw van Jantje met de pet
ze droeg alleen een doekje ... voor het bloeden


terug naar de inhoudsopgave