|
jachtlust
als jager schiet
je immer in de roos
de jacht is goed voor ieders welbehagen
vooral gejaagde mensen moeten jagen
dan worden ze weer rustig na een poos
die rust is voor
de jager onontbeerlijk
hij moet geduldig wachten tot zn schot
hem bijna doet ontploffen van genot
alweer een prooi, wat is het leven heerlijk
zn vrouw is
niet verguld met de trofeeën
waarmee hij bij het jagersgilde scoort
ze vindt zijn grootste passie ongehoord
hij jaagt niet op
fazanten of op reeën
-al schiet hij af en toe de grootste bokken-
zijn wanden zijn getooid met mooie rokken |